Petit Bateau - the short handed sailing association - Small Boats, Big Races...


Home
News
Articles
Calendar
Links
Members Only
Join Us
RACING
PB2007
RIOW Solo 07
.
.

A R T I C L E S

.

Verdwaalt in Petit Bateau
by Herman Tieman, Nan

Pettit Bateau, een Engelse club zeilliefhebbers, die zich inzet voor het shorthanded tour/wedstrijdzeilen op zee. Goed idee . Boten vanaf 30ft. Kunnen zich inschrijven maar kleiner is niet per definitie uitgesloten. Omdat ik mijn 28 footer voldoende zeewaardig acht en het vaargebied een beetje ken, besluit ik in te schrijven. Mijn inschrijving wordt geaccepteerd en na het overmaken van 150 engelse ponden, definitief. Tot mijn grote vreugde zijn er nog 2 andere 28 ft’s die hebben ingeschreven. Dat belooft dus een leuk mini competitie veldje te worden Deze boten, verdwijnen na enige tijd, om wat voor reden dan ook, uit de inschrijvingslijst. Weg competitie……. Toch heb ik er wel zin in. Ik maak mij echter weinig illusies over het wedstrijd element als ik de overige deelnemers op de lijst bestudeer; Grote “petit bateau’s “,hightech uitgerust .

Op 11 juni verlaat ik mijn thuishaven, de Blocq van Kuffeler, richting Lymington, waar op 19 juni de start van de PB zal plaats vinden. Mijn vriend Laurens vergezelt mij op de tocht daar naar toe.

Met een N.W'ster wind verloopt de tocht voorspoedig . De enige minpunten zijn dat; bij een naderende bui, tijdens het wisselen van het voorzeil deze halverwege blijft steken, niet meer te hijsen of te strijken valt, wij het zeil, in heftige wind met het val weten te sjorren, vervolgens in toenemende wind en zeegang uitwijken naar Oostende om daar de boel te klaren, vervolgens in Oostende ook nog een stuk net in de schroef krijgen, maar toch de boot keurig weten af te meren .

Diezelfde avond nog een duiker bestelt die net uit schroef lossnijdt en mij complimenteert met mijn “kloeke“ schroef. Is ook net nieuw, van het klap type, die mij moet doen opstomen in de vaart der volkeren. Met buitengewoon creatief inzicht van Laurens, die nooit de makkelijkste weg zoekt, maar veel plezier beleeft aan het vinden van ogenschijnlijk ingewikkelde oplossingen, weten we ook de problemen met het voorzeil te klaren .

Volgende dag vertrekken we monter richting Dover. Veel hoog aan de wind stampen in het Chenal de Four. Al motorzeilend bereiken we de westelijke ingang van de haven van Dover en vragen of we asjeblieft daar naar binnen mogen i.p.v. de gebruikelijke oost-ingang. Gelukkig krijgen we toestemming. Tussen de pieren stopt plotseling de motor .We hijsen een zeil en weten vrij te blijven van in en uitvarende ferry’s. De havendienst stuurt een bootje die ons naar een veilige plek sleept .

De volgende dag blijkt er een stevige wind uit Z.W 6 tot7 te waaien. We vertrekken toch.. Na een uur op zee, hoog aan de wind, met heftige golven, kijken we elkaar aan; Nee,dit voelt niet goed, terug naar Dover. Verstandig zeemanschap, niet waar?

Ondertussen begin ik mij af te vragen of ik nog wel op tijd voor de start in Lymington arriveer.

De volgende dag is de wind iets afgenomen en meer naar het zuiden gedraaid. Dit is onze kans. We besluiten te vertrekken en non stop naar Lymington te zeilen. We komen daar op 17 juni aan en blijken de eerst gearriveerde deelnemer te zijn. Dat is alvast binnen. De verzamelhaven in Lymington is een sfeerloze en peperdure Marina waar ik mij niet op mijn gemak voel en besluit, na mij aangemeld te hebben, af te meren aan een steiger in de binnenstad, die ik van vorige bezoeken ken.

De volgende dag druipen de overige deelnemers binnen die wel in de Marina gaan liggen Ik ben een beetje verwend door de 200 myls solo. De start daarvan is in Muiden. Er is een plek gereserveerd voor de deelnemers. Je ontmoet elkaar en groeit naar de wedstrijd toe. Zoniet hier. Iedereen ligt verspreid en moet elkaar maar zien te vinden. Uiteindelijk lukt dat, maar een beetje sfeerloos is het wel.

Zaterdagavond palaver met diner.

Zondagochtend dan eindelijk de start. Eerste traject is van Lymington naar Cherbourg. Weinig wind. Voordewinds rak. De spinakers gaan omhoog maar kakken in . Na het ronden van de Needles is het halfwinds en gaat het met een knik in de schoot richting Cherbourg. Prachtig weer, heerlijk zeilen. Dan opeens…………. Een oproep van Paul Peggs aan de Engelse kustwacht; ”Lig naast een boot van een medezeiler, niet bemand, reddingsvlot aan boord, kennelijk over boord gegaan. Alle deelnemers horen dit bericht en schrikken zich rot. Iedereen strijkt de zeilen, noteert positie van verlaten boot en probeert aan de hand van wind en stroom zoekslagen uit te rekenen om de verloren man op te sporen. Ondertussen doet de Engelse kustwacht hetzelfde en in samenwerking met de Franse kustwacht wordt door laatste besloten een helikopter te lanceren. De man wordt gevonden. Levend en wel. Het blijkt dat hij overboord gegaan is door dat hij op zijn achterdek probeerde rommel uit zijn schroef te halen. Onaangelijnd, dat wel en ook zonder zwemvest. Hij heeft 3 uur rondgezwommen in water van 14 graden en het overleeft . Een godswonder. Zwaar aangeslagen varen de deelnemers op de motor naar Cherbourg. Geen wedstrijd meer . Wederom blijkt het makke/onervarenheid in de organisatie. In het bijna donker scharrelen we de haven van Cherbourg in. De behoefte aan informatie is groot maar niemand weet iemand te vinden. Dus richt iedereen zich maar op de start van de volgende dag.

Maandag.
Start in de haven van Cherbourg. Eindbestemming, Peters Port op Guernsey. Cape La Hague dient gerond te worden om vervolgens in de ziedende stromen van de race koers te zetten naar Peters Port. Het begint met een kruisrak in pittige wind. Fantastisch zeilen. Ik geniet. Bij het ronde van Cape la Hague ontvangt de Race mij met een spectaculair stroombeeld; golvend, kolkend water. De stroom is vaak sneller dan mijn bootsnelheid. Soms verlies ik druk op het roer en ben speelbal van de stroom. Een inderhaast gemaakte berekening leert mij dat als ik zo door ga, ik te laat kom om Peters Port met tij mee aan te lopen. Ik besluit de motor te starten en in rechte lijn op mijn doel af te gaan . Ik waardeer mijzelf met het gevoel een verstandige, zeewaardige beslissing te hebben genomen.

In Peters Port geen spoor van mijn medezeilers te bekennen. Ik ben een beetje teleurgesteld. Wat een sfeerloos gebeuren. Dan gaat de telefoon …Henk aan de lijn,of ik in de jachtclub kom genieten van hapjes en drankjes. Op de een of andere manier hebben de deelnemers elkaar gevonden en hebben de verloren zonen opgespoord. Het wordt een buitengewoon gezellige avond en vanaf dat moment verandert er veel in de Petit Bateau. Het gemis aan saamhorigheid blijkt die avond duidelijk en vanaf dat moment wordt er met succes naar verbetering gestreefd .

Dinsdag.
St.Peters Port /Treguier .

Een droomzeildag. Ruime wind. Ik hijs de spinnaker en die gaat er tot aan de finish in Treguier er niet meer vanaf. Het blijkt met mijn 14e plaats mijn beste zeildag te zijn tussen al die racemonsters. Ik beleef wat angstige momenten bij het opvaren van de rivier. De gegevens op mijn detail kaart kloppen van geen kant, totdat ik erachter kom dat ik sta te turen op de aanloop naar Lezardieux. Das heel wat anders. Eenmaal de goede detailkaart voor mijn neus is het een makkie. De rivier is oogverblindend mooi en eindigt in een prachtige haven waar de stroom nog flink doorzet. De havenmeester is zeer deskundig. Hij kent zijn haven, is op de hoogte van onze komst en plannen en wijst mij een goede plek aan om af te meren. Treguier is een oase.

Aan de gemeenschappelijke avonddis is ook de overboordgeslagene aanwezig. Hij heeft die dag weer meegevaren en zowaar de trip gewonnen. Ik informeer naar zijn drenkelingavontuur maar krijg daar weinig weerwoord op. Wel blijkt dat hij zich schaamt over wat hem, als zeer ervaren zeiler, is overkomen . Hij toont erg rustig en beheerst.

Mijn conclusie is dat hij binnen het jaar zwetend en gillend uit zijn angstdromen ontwaakt.

Woensdag.
Treguir/Plymouth .

Laat in de middag verlaat het konvooi “Petit Bateau” de haven van Treguier. In de late middagzon varen we zwaansgewijs de prachtige rivier af richting zee . Er is totaal geen wind. Bij gebrek aan deze valt er, op de startplek aangekomen, helemaal niets te starten. Er wordt besloten dat we gezamenlijk op motorkracht richting Plymouth varen. Niet sneller dan 5 knots . En dicht bij elkaar blijven.

Het is zowaar een zeer genoeglijke tocht. Twintig boten met stoomlichten over een volstrekt rimpelloze zee moet wel een feeëriek ofwel onwezenlijke aanblik bieden aan schepen die ons tegemoet komen . Bij tijd en wijle wordt ik overmand door slaap en geef hier aan toe, nadat ik mijn kookwekkertje op 15 minuten heb gezet. Ik dommel meer in dan mij lief is en elke keer dat het alarm afgaat schrik ik mij wezenloos en heb enkele seconden nodig om mij te realiseren waar ik ben. Zo rond middernacht begint het te waaien .Ik hijs mijn zeilen en constateer dat ik nagenoeg dezelfde snelheid vaar als op de motor. Om mij heen zie ik andere boten hetzelfde doen. Na marifooncontact met Paul Peggs wordt besloten een start op zee te maken. Paul Peggs manoeuvreert zijn boot in een positie. Wij dienen achter zijn spiegel langs te varen en zijn vervolgens gestart. Het wordt een weergaloze zeilnacht. Iedereen zeilt de afgelopen motorfrustratie van zich af . Opeens is er weer tactiek, opeens is er weer strijd. Ikzelf ben klaarwakker en tot de tanden toe gewapend. Ik heb 2 tegenstanders in de strijd waarmee ik mij redelijk kan meten.

Na de start varen we aardig met elkaar op. Dan plotseling zie ik hen oploeven en vraag ik mij af; Waarom? Ik besluit mijn half winds koers te volgen. Ik loop tenslotte zeer geriefelijk mijn rompsnelheid en soms meer. Enige tijd later snap ik waarom de andere twee opgeloefd zijn. Het is tactiek. Door te loeven lopen zij meer snelheid. Als zij een bepaald punt bereikt hebben zullen zij voorwinds de spinaker hijsen om vervolgens met haviksnelheid op hun doel af te stormen, mij ver achter zich latend. Zo fantaseer ik dat. Ik zeil uiterst geconcentreerd en probeer de volledige snelheid uit mijn boot te halen. Dat lukt erg goed.

Ondertussen bereid ik mijn spinnaker voor. Boom erin met op en neerhouder bevestigd, schoten klaar. Spinaker zak op de juiste plek aan de reling. Top en schoothoeken aangeklikt. Ik ben er klaar voor. En jawel, in de vroege ochtenduren zie ik de twee over stuurboord uit het niets aanstormen. Onder spinaker zoals ik verwacht had. Ik aarzel geen moment. Hijs de spi en al reachend ga ik de strijd aan. Het wordt een spectaculaire tocht.

Ik bereik snelheden van soms wel 9 knopen en dat is erg snel voor mijn boot. Het onderlijk van de spinnaker sleurt regelmatig door het water. Maar ik heb het aardig onder controle. Ik ontmoet de eerste boot. De tweede ligt op forse afstand. Gezamenlijk varen we richting finish. Dan hij voor, dan ik . En dan gebeurt het onwaarschijnlijke .Vlak voor de finish valt de wind totaal weg. Wat een frustratie.Na meer dan 20 uur en 100 mijl onderweg te zijn geweest blijkt het doel, dat nog nauwelijks 2 mijl verderop ligt, niet haalbaar te zijn . Ik probeer wat dichter onder de kust te kruipen om daar nog wat landwind op te pikken. Ik ben echter verder van de kust dan mijn directe tegenstander. Hij haalt het. Tegen de tijd dat ik arriveer is het echt windstil en kom ik geen meter meer vooruit. Alle deelnemers liggen te dobberen voor de finish. Je zou je er wel naar willen toezuigen.

Ik ga zelfs zover dat ik in de giek ga zitten met gespreide armen en benen om nog enig profiel aan het grootzeil te geven. Dat lijkt soms te helpen. De snelheid loopt op van 0.01 naar 0.03 knopen. Net genoeg om overboord te pissen en je broekspijpen droog te houden maar te weinig om de 2 mijl naar de finish te halen, voor de kentering van het tij . Dit besef is ook de organisatie toegedaan. Via de marifoon wordt meegedeeld dat de wedstrijd om 16.00 uur eindigt. Ieder wordt verzocht zijn positie op dat moment te noteren en dan naar de haven te gaan . En zo gaat het ook. Ik heb toch wel bewondering voor mijn directe tegenstander in deze trip die vakkundig en op tijd gebruik wist te maken van de landwind. Hij is de enige die op zeil gefinisht is. Ik was wel een beetje jaloers op hem.

Iedereen is die avond brak en oververmoeid. Toch een gezellige en hartelijk samenkomen met diner in het clubhuis.

Plymouth-Falmouth.
Uitgeslapen of niet; De tocht gaat verder .
Bij de start is er weinig wind. Iedereen experimenteert met de juiste zeilvoering ; Spi erop, spi eraf, genua uitgeboomd, over bakboord over stuurboord. Dan toch maar de spi. Werkt ook niet . Dan maar gewoon afwachten . Ik word lui en besteedt mijn tijd aan het verzenden van sms berichtjes. De bedoeling is vanuit Plymouth, de Eddy Stone Rock te ronden om van daar uit koers te zetten naar Falmouth. Eddy Stone is een eenzaam baken van fallusachtige afmetingen op een paar vierkante meters rots. Het gebied is tevens militair oefenterrein en ik ben dan ook omgeven door oorlogsvaartuigen waaronder duikboten die hun naam geen eer aan doen. Ik drijf er aangenaam tussendoor.

Na het rondde van Eddy Stone, is er plotseling wind. Ik staak halverwege een zin mijn sms bericht en concentreer mij volledig op het zeilen. Wat houd ik daar toch van…..Ik, boot en wind Naar Falmouth is het hoog bezeild. Ik wil snelheid maken en toch niet te hoog varen of teveel afvallen. Ik besluit tot een experiment. Ik laat mij leiden door de eta. van mijn gps. Dat betekent dat als mijn tijd ten opzichte van mijn waypoint oploopt, ik overstag ga en over de andere boeg verder vaar. De tijd loopt dan terug tot op een bepaald moment. Als de tijd weer oploopt ga ik weer overstag, enz, enz. Best een goede tactiek. Wel hard werken door veel overstag te gaan. Maar het betaalt zich uit. Ik vaar op met een Contessa 32 en ik kan hem goed bijhouden en vaak voorblijven. Door mijn voortdurend tacken, wat hij niet doet, loopt hij iets op mij uit . Uiteindelijk komen we bij de finish met ongeveer 3 minuten verschil . Ik ben in Falmouth. Bijna het einde van de tocht. Ik ben beretrots, dat ik het gehaald heb en bovenal veel zeilplezier beleefd heb. Ik ben zo langzamerhand ook wel een beetje opgebrand.

Inclusief de overtocht uit Nederland toch ongeveer 500 mijl in 2 weken verzeilt, waarvan 350 mijl solo. De laatste dag is er nog een wedstrijd voor de kust van Falmouth. Doordat ik mijn boot moet verhalen mis ik het palaver. Aan de start is het mij niet duidelijk hoe en wanneer gestart gaat worden. En eigenlijk vind ik het ook niet zo van belang. Ik ben in Falmouth en daar ging het om. Ik start dus veel te laat en op de verkeerde manier. Er is weinig wind. De baan is ingekort. Ik soezel wat dromerig achteraan. Spinnaker op en genietend van de zee en herinneringen oproepend aan de voorbije dagen.

Overmorgen komt mijn vriendin aan boord.
Zij heeft de vakantie bij haar dochter in Italie doorgebracht . Ik zal haar weer ontmoeten en zal de stap van solo op zee naar zijn twee moeten maken.

We hebben samen een mooie maar beetje gestresste terugtocht omdat ik op tijd wil zijn voor het eindexamenfeest van mijn dochter. Op de terugtocht voel ik mij moe. Ik vraag mij af waarom. Elk jaar op nieuw laat ik mij verleiden door dromen en geef daar een invulling aan. Zo ook deze Petit Bateau.

Weet je wat …..(Denk ik dan). Ik stop ermee en ga volgend jaar lekker met mijn vriendin in Zeeland zeilen. Op de terugweg belanden wij in Vlissingen. Mijn plan is om buitenom naar IJmuiden te varen . Mist en gebrek aan wind voorkomen dat. Dus gaan wij noodgedwongen binnendoor. Veerse meer, Oosterschelde, Haringvliet.enz…………Ik voel mij opgesloten…..wat een vaarwater………..tonnetjes, tonnetjes. Mensen die de regels niet kennen. Files van boten……. Ik stik…..ik wil weg……. Naar ruimte…..de zee……..

Nee, ik wil; geen Petit Bateau meer.
Ik ben moe.
Ik wil gewoon lekker zeilen.

Het is nu ver in de herfst.
Zojuist ontvang ik een uitnodiging van Petit Bateau.
Zal ik……………..?

Herman Tieman
Nan


Nan on the last leg of PB2005

Herman Tieman